De Capacitance Electronic Disc (CED), ontwikkeld door Radio Corporation of America (RCA) en uitgebracht in 1981, is een analoog afspeelsysteem voor videoschijven. Ook bekend onder de naam RCA "SelectaVision" VideoDisc.
Hiermee konden (NTSC) video en audio worden afgespeeld op een televisietoestel met behulp van een speciaal apparaat (stylus) en een systeem met groeven met hoge dichtheid, vergelijkbaar met dat van grammofoonplaten.
De capaciteit van de CED was beperkt, vaak moest de gebruiker halverwege de film na pakweg een uur kijken, de CED omdraaien om verder te kunnen kijken. Ook was het systeem heel erg gevoelig voor stof en minieme beschadigingen. De CED platen zaten in speciale plastic hulzen, zodat je als gebruiker de platen zelf niet hoefde aan te raken, maar deze met behulp van de huls (“caddy”) in de speler werd gebracht.
Eén van de unieke aspecten van het systeem was dat een gebruiker gemakkelijk tussen hoofdstukken van de CED schijf kon navigeren, zonder zoals bij een videoband vooruit te moeten spoelen. Daarmee was men hun tijd ver vooruit. Helaas was het systeem ook kwetsbaar voor minieme beschadigingen van de CED schijven.
Het systeem was voornamelijk voor de Amerikaanse markt, hoewel men ook in Engeland probeerde om marktaandeel te krijgen. De discs in Engeland waren in het PAL formaat, er zijn echter slechts 286 titels voor de Engelse markt verschenen.
Naast concurrentie met de videoband, waren er nog twee systemen die op de markt kwamen gebaseerd op het afspelen van films met behulp van platen. Dat was een vergelijkbaar systeem van het Japanse JVC, de VHD (Video High Density) dat ook werkte met een speler die met een naald filmbeelden op televisie kon brengen. Deze platen waren kleiner in omvang en werden net als de CED met een plastic huls in de speler gebracht. Dit systeem was voornamelijk in Japan succesvol. Tot slot was er het door Philips ontwikkelde Laservision, een Laserdisc plaat (met analoog videosignaal) die met behulp van een laser werd gelezen. Van de drie systemen kende de Laserdisc de langste levensduur.
De concurrentie met de videosystemen VHS en Betamax was erg groot in de Verenigde Staten. Een groot nadeel van de CED was ook dat in tegenstelling tot videobanden, de gebruiker geen programma’s kon opnemen op de CED. De CED was geen succes, werd een financieel blok aan het been van RCA en er werden uiteindelijk slechts 1700 disc-titels van films, documentaires en series uitgebracht, voordat het systeem in 1986 stopte. Het leidde uiteindelijk (samen met andere mislukte projecten zoals de ontwikkeling van mainframecomputers) tot de financiële ondergang van RCA. Het bedrijf werd in juni 1986 overgenomen door General Electric, RCA bestaat alleen nog maar als merknaam.



























































