Anja van Avoort (Breda, 5 mei 1950 – Schaijk, 15 april 2002), beter bekend als Anja, was een Nederlands zangeres. Ze werd vooral bekend door hits als De laatste dans en Nemen en geven.
Van Avoort kreeg op haar dertiende een gitaar, de eerste stap naar een muzikale carrière. Al snel schreef ze zich in voor diverse talentenjachten en zangwedstrijden, waarbij ze steevast bij de eerste vijf eindigde. Dit moedigde haar (en haar ouders) aan om door te gaan.
Anja's eerste single Overal (Discostar DSB 1156, 1967) werd geen hit, maar leverde wel de nodige publiciteit op. Ze kreeg aanbiedingen van platenmaatschappijen. Het Belgische Monopole, dat in Nederland vertegenwoordigd wordt door Dureco, bood haar uiteindelijk een contract aan.
Anja's tweede single, Nemen en geven, werd in 1968 opgenomen in Brussel en in België uitgebracht door Monopole (S 035), in Nederland door Dureco op het label Omega (35.883). In 1969 nam ze, eveneens in Brussel, De laatste dans op, dat een zeer groot succes werd in Vlaanderen. Ze stond op nummer 6 in de Vlaamse top 100 en op nummer 3 in de Vlaamse top 20 in februari 1969. Liefst 20 weken na elkaar bleef ze in de hitparade staan. Zowel in België als in Nederland werd de plaat veel gedraaid op de radio. De hoogste notering in Nederland was nummer 25. Anja trad in deze tijd op met de Belgische vijfmansformatie Los Albinos. Het is in dit orkestje waar ze haar latere echtgenoot Dirk Degryse leerde kennen. In 1973 trouwden ze.
In de jaren erna scoorde Anja meerdere hits, waaronder Speel niet met mij (1970), Nu dans je nooit meer met mij (1971) en de eigen compositie Op het strand van Cadzand (1972). Naast haar solohits scoorde ze met producent / componist Johnny Blenco hits als Jaren komen, jaren gaan (1971), Waarom kwam jij toch in mijn leven (1971) en M'n ouwe arreslee (1972). Zowel singles als albums werden regelmatig goud.















































